Actueel

De ontwikkeling van ‘family farm’ naar ‘family firm’

28 januari 2014 |

Eén van de onderwerpen van het Grote Agrodebat van het LEI, op 9 januari 2014, was de opkomst van de zogenaamde family firm, het grotere gezinsbedrijf. Een ontwikkeling die past bij de overige ontwikkelingen in de Europese landbouw én die in de maatschappij, maar waar het huidige landbouwbeleid nog niet op is toegesneden. Deel 1 in een serie van drie blogs over de opkomst van de family firm en de mogelijke consequenties voor het landbouwbeleid.

Meer productie, minder boeren

Over een langere periode gezien is zowel de waarde als het volume van de Europese landbouwproductie flink toegenomen. Deze extra productie wordt ook nog eens voortgebracht door steeds minder boeren; in de periode 2007 tot en met 2010 – de laatst beschikbare data van Eurostat over de ontwikkeling van het aantal land- en tuinbouwbedrijven in de EU – nam het aantal bedrijven af met zo’n 4% per jaar. Duidelijk is ook dat de gemiddelde omvang van het landbouwbedrijf in de EU toeneemt. Een groot aantal bedrijven ontwikkelt zich van family farm tot zogenaamde family firm: een MKB-achtige familieonderneming waar vaak één of meerdere medewerkers aanwezig zijn en waar sprake is van een duidelijke scheiding tussen managementtaken en uitvoerende taken.

Bij de ontwikkeling van family farms naar family firms spelen vele factoren een rol. Achterblijvende gemiddelde inkomens in de landbouw ten opzichte van de rest van de economie, is een bekende maar nog steeds belangrijke ‘drijvende kracht’ voor schaalvergroting. Agrariërs proberen zo het eigen bedrijf efficiënter te runnen dan gemiddeld. Noodzaak, als het inkomen tenminste van het eigen bedrijf moet komen en het bedrijf ook in de toekomst wil blijven bestaan.

Schaalvergroting: geen doel maar voorwaarde

Voor veel bedrijven is schaalvergroting, onder andere gestimuleerd door het bekende drieluik van Onderzoek, Voorlichting en Onderwijs (OVO), daarmee geen doel op zich maar eerder een voorwaarde. Mits goed en verstandig uitgevoerd, betekent schaalvergroting dat vaste kosten, inclusief de ‘kosten’ van eigen arbeid, over een grotere productieomvang kunnen worden verdeeld. Diverse trends zetten aan tot verdere schaalvergroting: automatisering en robotisering en beschikbaarheid van relatief goedkope uitvoerende arbeid. Ondernemers kunnen zich hierdoor meer en meer richten op de zeer diverse soorten van management, zoals productie, personeel en risico.

Bedrijven zijn in toenemende mate via contracten en op andere wijze verbonden met een beperkt aantal bedrijven in de voedselverwerkende industrie en de retail, want ook daar gaat de schaalvergroting en concentratie door. Daarnaast zijn veel ketenpartners actief met duurzaamheidsprogramma’s waarin gewerkt wordt aan zaken als milieu-issues, dierwelzijn en fair trade. Dat dit invloed heeft op de manier van produceren en (extra) investeringen op het boerenbedrijf, moge duidelijk zijn. Veranderingen in de keten en eisen van de consument zorgen voor margedruk, waar boerenbedrijven onder andere via schaalvergroting op in proberen te spelen.

Antwoord op ontwikkelingen in de markt

Het gaat bij family firms niet alleen om schaalvergroting. Tijdens het Agrodebat werden voorbeelden gegeven van family firms die zich richten op directe leveringen aan klanten (ketenverkorting), op productontwikkeling en op diversificatie. Zo is een bedrijf een toprestaurant begonnen op een toplocatie met veel consumenten in de directe nabijheid, maar gevestigd in een oude schuur. Een typisch voorbeeld van een family firm in een korte keten waarbij de klant koning is.

De family firm is in opkomst. Het is het antwoord van de landbouwsector op ontwikkelingen in de markt. Zoals wel vaker blijven ontwikkelingen in het beleid daarbij achter. Het huidige landbouwbeleid werkt de family firm juist tegen, en aanpassingen in het landbouwbeleid zijn gewenst. De verantwoordelijkheid voor continuïteit van de landbouwproductie en inkomens zou veel meer bij de keten moeten liggen in plaats van bij de overheid. De discussie voor het landbouwbeleid na 2020 moet nu worden gestart!

Dr. Ir. John Helming
Landbouweconoom gespecialiseerd in het Europese Landbouwbeleid, LEI

 

Tags: ,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>