‘Graag een ambitieuze invulling van het GLB’

landschap

Lidstaten krijgen veel ruimte om het nieuwe GLB naar eigen wens in te richten. “Nederland krijgt die kans. Laten we dan zo ambitieus mogelijk te werk gaan.” Dat zegt Tirza Molegraaf, plaatsvervangend programmaleider van het team dat het Nationaal Strategisch Plan voor Nederland ontwikkelt.

Portret Tirza Molegraaf
Tirza Molegraaf

Veel partijen zijn betrokken bij het GLB-NSP. Naast het overkoepelende NSP-programmateam zijn er acht werkgroepen die verantwoordelijk zijn voor een deelthema. De dagelijkse leiding van het programmateam is in handen van Ad Tabak, Jojanne van Andel en Tirza Molegraaf.

Molegraaf is in dienst van provincie Zuid-Holland (zie kader). Zij werkt sinds juli 2018 namens het Interprovinciaal Overleg (IPO) op het ministerie van LNV om invulling te geven aan het nieuwe GLB.

Een uitdagende opdracht?

Tirza Molegraaf: “Dat is het zeker. De contouren van het gemeenschappelijke landbouwbeleid worden in Brussel vastgesteld. Bij de concrete invulling zijn de lidstaten aan zet. Nederland kan dus eigen keuzen maken. In grote lijnen is er in ons land overeenstemming over de gewenste transitie in de landbouw: op weg naar een vorm van kringlooplandbouw zodat maatschappelijke doelen op het gebied van klimaat, biodiversiteit en bij voorbeeld bodemkwaliteit worden gerealiseerd.

We zijn in dit land erg ambitieus en innovatief, én we hebben veel kennis op al die terreinen. Laten we dan het lef hebben om in het nieuwe GLB stappen vooruit te zetten. Ik vind het mooi om daar een bijdrage aan te mogen leveren.”

Waarom doen de provincies zo actief mee met het GLB-NSP-proces?

“De provincies zijn als co-financier betrokken bij het GLB. Waterschappen zijn dat ook. Het is daarom logisch dat provincies en waterschappen mee willen denken over de besteding van de middelen.

Maar dat is niet de belangrijkste reden. Provincies zijn gebiedsgericht actief, zij zien wat er in de regio kan en moet gebeuren, hebben eigen doelen en werken samen met partijen die betrokken zijn bij de ontwikkelingen in de agrarische sector. Die kennis wordt nu benut in het GLB-NSP-proces. Juist daarom zitten er in het overkoepelende NSP-programmateam drie medewerkers van provincies.

Ook in alle werkgroepen zijn de provincies vertegenwoordigd. Deze ambtenaren zitten er overigens niet voor hun eigen provincie, maar voor alle twaalf. Het GLB strategische plan wordt trouwens in de eindfase door alle provincies vastgesteld. En natuurlijk door de regering en de Tweede Kamer.”

Het GLB gaat om veel geld, in Nederland om zo’n €770 miljoen per jaar. Welke doelen krijgen prioriteit?

“Die keus moet nog gemaakt worden. De vrees onder een deel van de boeren dat al het geld naar klimaat en biodiversiteit gaat, lijkt mij onterecht. Aanpassing van de bedrijfsvoering in de landbouw is nodig, maar kan alleen worden gerealiseerd als boeren en tuinders een redelijk inkomen verdienen. Het systeem van hectarepremies zal daarom niet verdwijnen. Bij de randvoorwaarden die daarvoor gaan gelden en ook bij de eco-regelingen zal steeds worden gekeken hoe dat uitpakt voor de inkomenspositie van boeren. De transitie is nodig, maar kan alleen worden uitgevoerd door boeren. Daar zijn overigens alle partijen van doordrongen.”

Wanneer is het GLB-NSP klaar?

“Daar is op dit moment moeilijk antwoord op te geven. De Europese verordeningen die de basis vormen van het nieuwe GLB zijn nog niet eens vastgesteld. Toch zijn we al flink aan de slag gegaan. Dat op basis van de geschetste contouren van de Europese Commissie. De kans is groot dat er een overgangsregeling komt op basis van de huidige verordeningen voor 2021 en misschien ook voor 2022. Wellicht dat in die overgangsperiode een aantal veranderingen al kunnen worden ingezet, bijvoorbeeld in het Plattelands Ontwikkelingsprogramma en het agrarische natuurbeheer. Dat zijn we nu aan het onderzoeken. Hierover zullen we natuurlijk met alle betrokken partijen overleggen.”

Tirza Molegraaf heeft internationaal land- en watermanagement gestudeerd aan de WUR. Na haar afstuderen heeft zij enkele jaren gewerkt bij een milieuadviesbureau. Vervolgens is zij aan de slag gegaan bij provincie Zuid-Holland. Daar heeft zij zich vooral bezig gehouden met waterkwaliteit en Europese samenwerking. Als programmamanager was zij betrokken bij de opstelling van de provinciale omgevingsvisie. Op dit moment is Molegraaf gedetacheerd bij het IPO die haar weer heeft uitgeleend aan LNV.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *